"Wie geweld gebruikt tegen hulpverleners, ondermijnt onze samenleving"

PatrickRoijens
15.10.2026

Tijdens de nacht van maandag 12 op dinsdag 13 oktober kwam in Brussel een politieagent om het leven. Een mensenleven verloren terwijl iemand zijn job uitoefende, met de opdracht onze veiligheid te bewaken. Vorige week raakten bij rellen tijdens betogingen vijftig agenten gewond. Het zijn feiten die ons diep moeten raken, maar vooral ook tot nadenken moeten stemmen. Want geweld tegen politieagenten en andere hulpverleners is al lang geen reeks van op zichzelf staande incidenten meer. Het is een maatschappelijk probleem dat steeds nadrukkelijker om een antwoord vraagt.

De cijfers spreken voor zich. Jaarlijks worden in ons land ongeveer 8.000 feiten van geweld tegen de politie geregistreerd. Dat zijn gemiddeld 22 feiten per dag. Bedreigingen, gewapende en ongewapende weerspannigheid, opzettelijke slagen en verwondingen, en in de zwaarste gevallen zelfs doodslag. Achter elk cijfer schuilt een mens. Een agent die na een interventie niet alleen met lichamelijke verwondingen, maar ook met psychologische gevolgen kan achterblijven. Een partner die bang is wanneer een geliefde aan een dienst begint. Kinderen die zich afvragen of mama of papa ’s avonds veilig thuiskomt.

Het geweld neemt in alle hevigheid toe

Dat geweld lijkt bovendien steeds driester te worden. Niet alleen politieagenten worden ermee geconfronteerd. Ook brandweerlieden, ambulanciers en andere medische hulpverleners krijgen tijdens hun werk te maken met agressie, bedreigingen en fysiek geweld. Mensen die uitrukken om levens te redden, branden te blussen of hulp te bieden aan wie in nood verkeert, moeten soms eerst hun eigen veiligheid proberen te waarborgen. Dat is de wereld op zijn kop.

Natuurlijk heeft iedereen het recht om te betogen, kritiek te uiten en het niet eens te zijn met het beleid of het optreden van de overheid. Dat recht is een hoeksteen van onze democratie. Maar dat recht houdt op waar geweld begint. Een betoging mag luidruchtig zijn, emoties mogen hoog oplopen en frustraties mogen worden geuit. Geen enkele overtuiging, woede of onvrede rechtvaardigt echter het aanvallen van mensen die hun werk doen. Wie geweld pleegt tijdens een betoging, verdedigt geen democratie, maar tast haar aan.

Daarom volstaan afkeurende verklaringen na ieder incident niet langer. Geweld tegen politie en hulpverleners moet consequent worden vervolgd en bestraft. Wie bewust een agent, brandweerman of ambulancier aanvalt, moet voelen dat de samenleving dit gedrag niet aanvaardt. Dat vereist duidelijke wetgeving, een kordate toepassing ervan en voldoende middelen voor politie en justitie. Tegelijk moeten we blijven investeren in opleiding, preventie, de-escalatie en ondersteuning van slachtoffers. Een kordate aanpak en een professionele, proportionele uitoefening van het gezag sluiten elkaar niet uit; ze versterken elkaar.

Gebrek aan respect

Maar de verantwoordelijkheid ligt niet uitsluitend bij justitie en de overheid. Ook als samenleving moeten we ons afvragen welke boodschap we meegeven. Wanneer agressie wordt geminimaliseerd, geweld wordt goedgepraat of hulpverleners zonder kennis van de feiten worden bedreigd en vernederd, verschuiven we de grenzen van wat aanvaardbaar is. Respect voor hulpverleners begint niet pas wanneer we zelf hun hulp nodig hebben. Het begint bij de erkenning dat ook zij mensen zijn, met rechten, gevoelens en gezinnen.

Een uniform maakt niemand onkwetsbaar. Een zwaailicht biedt geen bescherming tegen blinde agressie. En een hulpverlener mag nooit het gevoel krijgen dat hij of zij tijdens de uitvoering van de job voor het eigen leven moet vrezen. Geweld in welke vorm dan ook is geen “part of the job”.

De dood van een politieagent in Brussel mag geen zoveelste nieuwsbericht worden dat na enkele dagen uit ons geheugen verdwijnt. Het moet een wake-upcall zijn. Niet om groepen mensen tegen elkaar op te zetten, maar om een duidelijke grens te trekken: geweld tegen wie onze samenleving beschermt, is onaanvaardbaar en daders zullen steeds een gepaste straf krijgen.

Wie onze hulpverleners aanvalt, valt niet alleen een persoon aan. Hij tast ook de veiligheid, de solidariteit en het vertrouwen aan waarop onze samenleving steunt. Dat mogen we nooit normaal gaan vinden.

Door Patrick Roijens, algemeen voorzitter VSOA, Vrij Syndicaat van het Openbaar Ambt, voor TVL.